Sinds juli 2010 beschikken wij over een CBCT apparaat, een Kodak 9000 3D.

CBCT-apparatuur is er in vele soorten en maten, voor verschillende doeleinden. In het algemeen kan men ze categoriseren als apparaten met een groot, gemiddeld of beperkt volume, afhankelijk van het ‘field of view’ (FOV), oftewel de grootte van het af te beelden gebied.

De grootte van het FOV vertegenwoordigt het scanvolume en hangt af van de grootte en vorm van de detector, de afmetingen van de geprojecteerde stralenbundel en het vermogen om de stralenbundel te collimeren. Door het collimeren van de stralenbundel wordt slechts het te onderzoeken gebied blootgesteld aan röntgenstraling, waardoor de stralingsbelasting in belangrijke mate beperkt wordt. Kleinere scanvolumes produceren over het algemeen beelden van een hogere resolutie. In de endodontie, waar afwijkingen met een afwijking van ongeveer 200µm van belang kunnen zijn, is een optimale resolutie van groot belang.

Voor de meeste endodontische toepassingen genieten CBCT-apparaten met een beperkt FOV de voorkeur boven apparaten met een groot volume om de volgende redenen:

  1. Hoge resolutie voor een grotere accuratesse bij het afbeelden van kleine details
  2. Acceptabele signaal-ruisverhouding
  3. Verminderde stralingsbelasting voor de patiënt
  4. Tijdwinst (omdat een kleiner volume hoeft te worden geïnterpreteerd)

Voor de Kodak 9000 3D geldt dat de effectieve stralingsbelasting tussen de 19 en 40 μSv ligt, afhankelijk van het gebied dat wordt gescand. Ter vergelijking: een digitaal genomen OPG levert tussen de aan 14-24 μSv aan stralingsdosis. Een digitale peri-apicale röntgenfoto levert een stralingsdosis tussen de 3-6 μSv op. Dat betekent dat een 3D scan van het bovenfront overeenkomt met 3 röntgenfoto’s. Voor de molaarstreek in de onderkaak komt een 3D scan met de Kodak 9000 3D overeen met 7 röntgenfoto's.

Lees meer

Klinische voorbeelden